San Marco
Het was wat mij betreft de week van Marco van Basten. Nu de college-onderhandelingen gelukkig nog steeds in achterkamertjes plaatsvinden (volledige openbaarheid was beloofd) kan ik mijn hoofd lekker leegmaken met sport. Demeterio Albertini nam afscheid als speler van AC Milan. En ja, dan trommel je oude maatjes op. Maatjes als Gullit, Rijkaard en vooral Van Basten. De tienduizenden in San Siro zagen op het grote scherm Marco knuffelen met zijn oude coach Sacci in de tunnel, dus wist men dat de Hollandse halfgod aanstonds de grasmat zou betreden.
Onder oorverdovend gejuich kwam een breed smilende Van Basten het veld op gehobbeld. Een ruim decennium daarvoor hobbelde hij, in spijkerbroek en leren jack, ook rond in hetzelfde stadion. Puffend van emoties en met een huilende coach op de bank: de jaren van ellende werden afgesloten. Nooit zou de held der helden meer voetballen en dat greep de tifosi destijds massaal naar de strot. Tot afgelopen woensdag. Even was het er weer, de magie die Van Basten uitstraalt op het veld. De manier van lopen, de plotselinge versnelling, kappen en uitwijken en dan weer stilstand en rust. Cruyff kon het ook, maar anders. Bergkamp heeft er veel van weg, maar haalt het ook niet helemaal. De dreiging en de kalmte die er van uitgaat, het blijft fenomenaal. En toen was er de oude Evani, hield aan de linkerkant de bal net binnen en slingerde hem heerlijk bij de eerste paal. Daar lag het gat waar Marco in sprintte. Met een weergaloze maar stijlvolle duik werd het leer snoeihard achter een kansloze keeper geketst. Het deed denken aan de Europacup 2 finale in 1987 tegen Lokomotive Leipzig. Toen Marco het enige doelpunt inknikte bij de eerste paal, toen vanaf rechts. Ik was alle thuiswedstrijden van Ajax met mijn vrienden gaan kijken in de versleten Watergraafsmeer.
Helaas hadden we geen geld voor de finale in Athene. Maar dat werd goedgemaakt door vrijdag. Marco opende het prachtige complex van zijn oude cluppie UVV, aan de rand van het Leidsche Rijn Park. En ik kon samen met mijn oudste zoon Daan van 7 genieten van de nog steeds aanwezige klasse van de allerbeste voetballer die er ooit op de velden heeft rondgelopen. Pele, wie is dat? Maradonna? Aardig krabbertje. Cruyff? Ja, een hele goede tweede. Zou het komen door zijn bescheiden uitstraling, die stoďcijnse blik, of omdat hij nooit een oude voetballer is geworden door zijn vroegtijdig afscheid? Omdat hij ooit regelmatig golfballen sloeg op het matje voor mij en ik hem niet durfde aanspreken? Omdat we als tieners op het schoolplein allemaal alleen maar hem wilden zijn? Ik weet het niet, maar we genoten samen van wat mooie acties en het was even weer twintig jaar geleden. Bedankt San Marco.
|